Peuters die vol enthousiasme bellen blazen in de tuin of tevreden knabbelen op een worteltje lijken gewoon aan het spelen en eten. Maar er gebeurt veel meer dan dat.
De tong, lippen, wangen en kaakspieren werken gedurende de dag samen. Niet alleen om voedsel te eten en te communiceren, maar ook om de groei van het gezicht en het gebit te ondersteunen. Met name in de peuter- en kleuterjaren wordt hier een belangrijke basis voor gelegd.
Veel ouders focussen voornamelijk op het krijgen van rechte tanden of een duidelijke uitspraak. Begrijpelijk. Echter, de mondfunctionaliteit begint al veel eerder. Hoe een kind eet, ademt, kauwt, slikt en de tong positioneert, heeft invloed op de ontwikkeling van de kaken en daarmee op de vorm van het gezicht.
De tong als cruciale bouwer
De tong wordt vaak gezien als een spier die benodigd is voor eten en praten. Maar de tong heeft nog een andere belangrijke functie. In rust hoort de tong tegen het gehemelte te rusten. Dit zorgt voor een lichte, constante druk die helpt bij het vormen van een brede en symmetrische bovenkaak.
Als een kind vaak door de mond ademt of de tong laag in de mond houdt, ontbreekt deze natuurlijke ondersteuning. Dit kan leiden tot een smallere groei van de bovenkaak, wat minder ruimte kan geven voor tanden en kiezen. Aangezien de kaken de basis van het gezicht vormen, kan ook de gezichtsontwikkeling beïnvloed worden. Dit kan resulteren in een langer en smaller gezicht of een minder goed ontwikkelde onderkaak. Functionaliteit en groei zijn sterk met elkaar verbonden.
De impact van kauwen
Kauwen lijkt vanzelfsprekend, echter veel kinderen consumeren tegenwoordig vooral zachte voeding. Het is juist essentieel voor de mondontwikkeling om voedsel aan te bieden dat daadwerkelijk gekauwd moet worden.
Kauwen activeert de kaakspieren en stimuleert de groei van de kaken. Denk aan voedsel zoals een appel, komkommer, paprika of een stevige broodkorst. Het aanbieden van een hele appel in plaats van deze in partjes te snijden kan de lippen, tong en kaakspieren meer uitdagen en een effectieve oefening zijn voor de mond. Kauwen kan gezien worden als de krachttraining voor de mond.
Blazen en zuigen als mondtraining
Blazen en zuigen dragen ook bij aan de ontwikkeling van mondspieren. Wanneer kinderen bellen blazen, een veertje wegblazen of drinken met een rietje, oefenen ze op een speelse manier de samenwerking tussen lippen, wangen en tong. Voor kinderen is dit leuk, maar voor de mondspieren is het een waardevolle training.
De kleinste signalen kunnen veel betekenen
Soms geven kinderen zelf al aan dat extra aandacht voor de mondfunctie noodzakelijk is. Mond signalen zoals een open mond in rust, frequent ademen door de mond, snurken, regelmatig kwijlen of moeite met kauwen kunnen wijzen op mogelijke problemen. Tevens kunnen spraakproblemen soms gerelateerd zijn aan de samenwerking van de mondspieren.
Indien meerdere van deze signalen aanwezig zijn of langdurig aanhouden, is het wellicht verstandig om verder onderzoek te laten doen.
Samen streven naar totale mondgezondheid
Een logopedist gespecialiseerd in Oro-Myofunctionele Therapie (OMFT) kijkt niet alleen naar de spraak, maar ook naar de ademhaling, tongpositie, slikken en de ontwikkeling van het gezicht en de kaken. Deze specialist werkt vaak samen met tandartsen, orthodontisten, mondhygiënisten en KNO-artsen. Soms kan ook een osteopaat betrokken worden als houding of bewegingspatronen van invloed lijken te zijn. Gezond mondgedrag ontstaat zelden door slechts één aspect te bekijken. Het gaat om het geheel.
En dit geheel begint vaak met iets eenvoudigs: een kind dat leert te ademen, zuigen, kauwen en blazen op de manier waarop het lichaam bedoeld is.
Een OMFT-gespecialiseerde logopedist bij jou in de buurt vind je via: OMFT.info/therapeut-vinden